Pluspunten
|
| Uiterst zuinig verbruik (100 pk) |
| Soepele en stille motor |
| Prestaties en rijplezier |
| Veiligheidsvoorzieningen |
Minpunten
|
| Geen automaat |
| Geen zesbak (100 pk) |
| Opdringerig dashboard |
Ford heeft een van de
meest ijsbeervriendelijke
benzinemotoren
ter wereld ontwikkeld.
De Focus 1.0 EcoBoost
wordt aangedreven door
een hommel, maakt het
geluid van een hommel,
is even groot als
een hommel en stoot
evenveel CO2 uit als een
hommel.
Ford heeft met de 1.0 EcoBoost een
echt kunststukje neergezet. Voor het
eerst monteert een automerk een 1.0
liter (999 cc) in een middenklasser
zoals de Focus. Bovendien beschikt de
EcoBoost-motor niet over vier maar
over slechts drie cilinders. In eerste
instantie is dit motortje bedoeld
voor de Focus, de Fiesta en de nieuwe
B-klasse, maar het zou ons niet verbazen
als hij ook in de Mondeo en S-Max
zal worden gebruikt.
A4 papier
De Focus 1.0 EcoBoost is niet zomaar
een viercilinder waar één cilinder werd
van afgezaagd. Zo is de driepitter voorzien
van directe benzine-injectie van de
nieuwste generatie, variabele nokkenassen
voor in- en uitlaatkanaal, een
balansas die de trillingen van de driecilinder
neutraliseert en een turbo die
aan 248.000 toeren per minuut draait.
Bovendien loopt de distributieriem in
olie, waardoor hij minder lawaai maakt
en eeuwig meekan.
De driecilinder is zo klein dat hij op een
A4-velletje kan.
Viercilinder
Nog nooit heeft Ford een zo geavanceerde
motor ontwikkeld. De 1.0 Eco-
Boost verhoudt zich tot de meeste
andere Ford-motoren als een ‘sexy
gerechje’ van Sergio Herman tot een
‘grote met andalouse en een curryworst
special’.
De 1.0 EcoBoost levert wel de prestaties
van een 1.6 liter viercilinder. De 1.0
liter EcoBoost is verkrijgbaar in een versie
met 100 en in een versie met 125 pk.
Bizar genoeg is de minst krachtige versie
gekoppeld aan een vijfbak, wellicht
omwille van de kosten. De krachtigste
versie krijgt standaard een zesbak. Telkens
handgeschakeld, helaas is er geen
automaat. Het koppel is al beschikbaar
bij 1.750 toeren.
Plezier om te rijden
De Focus 1.0 EcoBoost is een plezier om
mee te rijden en dat geldt ook voor de
minst krachtige versie. Alleen bij forse
acceleraties manifesteert de driecilinder
zich als een driecilinder, met het
typische gebrom van een hommel. Aan
constante snelheid is er nauwelijks iets
van de motor te merken, geen geluid,
geen trillingen. De driecilinder toont
zich beschaafder dan sommige viercilinders.
Nooit gedacht dat een kleine driecilindertje
ons zoveel rijplezier zou kunnen
bezorgen. Natuurlijk is dat ook te danken
aan de geavanceerde ophanging
van de Focus, in deze klasse zowat het
beste dat er is. Bovendien hebben
tests geleerd dat het
vermogen makkelijk kan worden opgevoerd tot 180 pk. Zou
dat geen mooie basis zijn voor de Fiesta
ST? Naar verluidt komt er ook een
versie zonder turbo, goed voor 75 pk.
Verbruik
De Focus 1.0 EcoBoost is verkrijgbaar
als vierdeurs sedan, als vijfdeurs
hatchback en als break (Clipper).
Het theoretisch verbruik bedraagt
4,9 liter op 100 kilometer voor de
Clipper en de sedan en 4,8 liter voor
de hatchback. De versie met 125 pk
heeft 0,2 liter meer nodig.
Zoals steeds is er een verschil tussen
theorie en praktijk. Onze testrit
leverde een verbruik op van 6,2 liter
met de versie met 100 pk en 6,9 liter
met de krachtigste versie. Wie de
Focus koopt voor zijn verbruik, kiest
dus duidelijk voor de minst krachtige
versie, die met een beetje moeite
zelfs onder de 6 liter geraakt. Dat is
stilaan het niveau van een diesel.
Opvallend was wel het hoge verbruik
op de autosnelweg. Veelrijders zijn
dus ook na vandaag beter af met een
diesel.
Prijzen:
Sedan 100 pk: 19.200 euro
Hatchback 100 pk: 19.200 euro
Clipper 100 pk: 20.100 euro
125 pk: plus 1.000 euro
Guido Cloostermans
Bron: Het Belang van Limburg